2019 10 05 CappBreda

 
Cappella Breda brengt een programma van Estse componisten. 
 

PROGRAMMA

Allelulia tropus Arvo Pärt 3
Psalm 22 Cyrillus Kreek 5
Psalm 141 Cyrillus Kreek 3
Psalm 104 Cyrillus Kreek 3
Kuulmata kuskil kumiseb kodu Velja Tormis 5
Kleine Litanei Arvo Pärt 4
Kui suur on meie vaesus Cyrillus Kreek 3
Pater noster Pēteris Vasks 7
Curse upon iron, koor en slagwerk Velja Tormis 15
 

Cappella Breda zingt onder leiding van Elisabeth Blom “Sounds from Estonia”, een programma met muziek van componisten uit Estland.

De bekendste van deze componisten is ongetwijfeld Arvo Pärt. Het werk van Pärt heeft dikwijls religieuze wortels en drukt diepe emoties uit. Met zijn religiositeit conflicteerde Pärt met het Sovjet Regime, dat hij in 1980 de rug toekeerde toen hij emigreerde naar Wenen.

Diepe emoties, de klanken van de Baltische ziel, daarover gaat het programma van Cappella Breda. Zang is essentie in Estland. Het zingen van traditionele volksliederen was in de tijd van de perestrojka teken van verzet en van onderlinge verbinding van het Estische volk. Een hoogtepunt van het inzetten van zang als geweldloos verzet, was in 1989 de “Baltische Weg”, een zingende menselijke keten van 600 kilometer van Tallinn tot Vilnius.

Ook de andere componisten uit het programma, Kreek, Vasks, Uusberg en Tormis, verklanken een diepe religiositeit. Kreek met psalmen en Uusberg en Vasks met hun Miserere en Pater Noster. Tormis gebruikt andere teksten. Over “geluidloos ergens huiswaarts mompelen” en “vloek over het ijzer”. In het laatste stuk bezweren koor en slagwerk de macht van het ijzer om de dodelijke kracht ervan te overwinnen. Het is daarmee ook een klacht tegen oorlog.

Muziek als middel tot verbinding en waar nodig geweldloos verzet. Muziek bovendien die met vaak minimale middelen het hart weet te raken. Dat zijn de Sounds of Estonia.

Cappella Breda is een kamerkoor bestaande uit een 24-tal zangers. Het werd opgericht in 1976 door Daan Manneke en stond tot zomer 2017 onder diens leiding. Elisabeth Blom volgde hem op. Elisabeth Blom is ook artistiek leider van kamerkoor Lelystad, The Zed Chamber Choir en The Zed consort. Zij is bovendien zangeres en zingt als sopraan bij Cappella Amsterdam, het Nederlands Kamerkoor en Amsterdam Baroque Orchestra and Choir.

In de loop van haar bestaan – het koor is in 1976 opgericht door Daan Manneke – heeft Cappella Breda zich geprofileerd met “grensverleggende” programma’s, andere dingen doen en de dingen anders.

Het koor is ook letterlijk over de grens geweest, naar o.a. Bologna, Brussel, Barcelona en in Parijs voor concerten in de St. Sulpice en La Madeleine.

Cappella Breda is een graag gehoorde gast op festivals en podia voor zowel oude als eigentijdse muziek. Het koor trad verschillende keren op in het Festival van Vlaanderen, het Oude Muziek Festival in Hoorn en het Muziek Podium Zeeland.

Cappella Breda heeft zelden gehoorde werken uit de rijke Europese koortraditie uitgevoerd. In 2013 voerde het in vijf steden de Sweelinckvespers uit.
Sinds 2002 maakt Palmzondag in Ginneken met de andere passie vast onderdeel uit van ons programma. Tevens nemen wij deel aan concerten georganiseerd door Brabants Volkoren.

TEKSTEN & VERTALING 
Alleluia tropus
Arvo Pärt
Russisch-orthodox gebed
Alleluia. 
Pravilo vyeri I obraz krotosti, vozdyerzhaniya uchityelya yavi tya stadu tvoyemu 
yazhe vyeshchey istina; 
syego radi styazhal yesi smiryeniyem visokaya, 
nishchetoyu bogataya, 
otche svyashchennonachalniche Nikolaye, moli Hrista Boga 
spastisya dusham nashim. 
 
 
Halleluja.
Een geloofsregel en een model van zachtmoedigheid, 
Een voorbeeld van onthouding bent u gebleken voor uw volgelingen; 
Daarmee heeft u verworven: 
door nederigheid – grootsheid, door armoede – rijkdom; 
O heilige vader Nicolaas, 
Bepleit bij Christus 
Dat onze zielen gered mogen worden.  
Psalm 22 Cyrillus Kreek
Mu Jumal! Jumal!
Mikspärast oled sa mind maha jätnud?
Mu jumal! Päeval hüüan mina, oga sa ei vasta!
Ja öösegi ei olemina mitte vait.
Kõik kes mind näevad hirvitad mind:
Nemad ajavad suu ammuli, ja vangutavad pead.
Palju vairsa on mu ümber tulnud,
Paasani sõnnid on mu ümber päranud.
Mu rammu on kui potitürk ära kuivanud,
Ja minu keel on mu suu lae küljes kinni,
Ja sa paned mind surma põrun.
 
 
 
Aga sina Jehoova, mu jumal,
Päästa mu hing, Jehoova, mu jumal,
ära ole mitte kaugel,
päästa mu hing mis üksikon. Mijn God, mijn God,
waarom hebt u mij verlaten?
Ik roep overdag, mijn God, en U antwoordt niet, en in de nacht, maar ik vind geen rust.
Iedereen die mij ziet, lacht en spot met mij, grijnst en schudt zijn hoofd
 
Een troep stieren staat om mij heen
Geweldige buffels omsingelen mij
Mijn kracht is als een potscherf verpulverd mijn tong kleeft aan mijn gehemelte vast
U hebt mij neergelegd in het stof van de dood
 
Jahweh, mijn God, wees nabij
Jahweh, mijn God, haast u en red mij
Uit de muil van de leeuw
bescherm mij tegen de stierhorens.
 
 
 
 
 
Psalm 141
Cyrillus Kreek
Issand, ma hüüan Su poole,
kuule mind oh Issand!
Kuule mu palve häält, 
kui ma Su poole hüüan,
Kuule mind, oh Issand!
Olgu mu palve kui suitsetamise rohi so palge ees,
Mu käte ülestõstmine 
kui õhtune ohver.
Kuule sa mind!
Heer, U roep ik aan,
Hoort mij Heer 
Luister toch, 
nu ik luid tot U roep.
Hoort mij Heer
Mijn gebed zal voor U als 
wierook zijn, 
mijn geheven handen 
als een offer in de avond.
Hoort mij!
 
Psalm 104
Cyrillus Kreek
Kiida, mu hing, Issandat!
Kiidetud oled Sina!
Issand mu Jumal, Sa oled suur.
Kiidetud oled Sina!
Oled Sa kõik teinud.
Kui suured Sinu teod, Issand!
Sa oled kõik targasti teinud.
Au olgu Sulle, Issand,
kes Sa kõik oled teinud!
Au olgu Isale, Pojale, 
Pühale Vaimule au,
nüüd ja igavest. 
Amen. Prijs de Heer, mijn ziel. 
Looft Hem! 
Heer, mijn God, Gij zijt zeer groot. 
Loof de Heer! 
Hoe talrijk zijn uw werken. 
Hoe groot en bekwaam zijn
al uw daden , Heer. 
Glorie aan u Heer 
voor al wat u deed! 
Glorie aan de Vader en de Zoon en de Heilige Geest, 
nu en tot in eeuwigheid. 
Amen.
 
Kuulmata kuskil kumiseb kodu Velja Tormis
Poem: Ernst Enno (1875–1934)
 
Kuulmata kuskil kumiseb kodu, 
enese taga, sügaval sees,
tähtede säras kurgede rodu,
lõunasse lendab kõrgel ees.
 
 
Kus on su hommik, kus on su lõuna,
sügaval ise, kitsas on maa,
igatsus kuskil, igatsus sinna,
kutse sind valdab, kuhu ei sa.
 
Kuulmata kuskil kumiseb kodu,
enese taga, sügaval sees,
tule, oh tule! Luikede rodu,
mustavalt merelt, meelitab ees.
 
Kostavad kured: magada vaja.
Vastavad aulid: siin on hää.
Lainetes sulin, ees nagu taga,
igatsus lasub, raske on pää.
 
Kuulmata kuskil kumiseb kodu, 
enese taga, sügaval sees,
Mustaval merel, luikede rodu: 
Tule, oh tule! Hüüab kõik ees. Translation: Pirjo Püvi
 
Somewhere, I hear the hum of home
Behind myself, or deep inside,
On the black sea swans form a row,
Somewhere, I hear the hum of home,
Come, oh come! All ahead of me guides.
 
A field of stars their glances spread
Deep into the water that lies ahead;
A field of stars with silver glow,
A reflection of your very soul.
 
Whoever set their gaze down there,
Could ne’er break free from it no more;
You upwards and then downwards face 
Cognise yourself in warm embrace.
 
A field of stars in a river’s court,
A silver blaze in my own heart;
Reach, reach into that water’s flow,
Deep into what lies below.
 
 
 
 
Kleine Litanei
Arvo Pärt   
Kyrie eleison. 
Christe eleison.
O Heiliger Bischof Virgilius, 
Bitte für uns.
Ehre sei dem Vater und dem Sohne und dem Heilige Geiste
Jetzt und alle Zeit und in alle Ewigkeit. 
 
Amen. Heer, ontferm u.
Christus, ontferm u over ons.
O Heilige bisschop Virgilius, 
Bid voor ons.
Ere zij de Vader en de Zoon 
en de Heilige Geest, 
Nu en immer en van eeuwigheid tot
eeuwigheid.
Amen.
Kui suur on meie vaesus Cyrillus Kreek
Kui suur on meie vaesus, veel suurem õnnistus. 
Patustepõlve seisus ei tee meid kartlikuks. 
See püha Jeesu veri, see katab meid kui meri, ta külje haavusse. 
 
Meid hinge surmast Issand nüüd armust ärata. 
Ja meie kurja südant sa ise sureta. 
Uut elu anna jälle, et südame ja meele Su poole tõstame. Whilst great our penury, still greater our blessing. 
Sinful life will not lead to piety. 
But Jesus’ holy blood shall shelter us like sea, flooding from his wounds. 
 
Let your grace awake our souls, 
 
and deem our evil hearts. 
Rewake our lives to help our hearts and minds towards your ascend.
 
Pater noster Pēteris Vasks
Pater noster qui es in coelis, 
Sanctificetur nomen tuum; 
adveniat regnum tuum; 
fiat voluntas tua 
sicut in coelo et in terra; 
panem nostrum quotidianum 
da nobis hodie; 
et dimitte nobis debita nostra, 
sicut et nos dimittimus debitoribus nostris. 
Et ne nos inducas in tentationem, 
sed libera nos a malo.
Quia tuum est regnum,
Et potestas,
Et gloria in saecula.
Amen. Onze Vader in de hemel, 
Uw naam worde geheiligd, 
Uw koninkrijk kome, 
Uw wil geschiede,
gelijk in de hemel zoals ook op aarde. 
Geef ons heden ons dagelijks brood; 
en vergeef ons onze schulden, 
zoals ook wij vergeven onze schuldenaren;
 
En leid ons niet in verzoeking,
maar verlos ons van den boze.
Want van u is het Koninkrijk,
en de kracht
en de heerlijkheid tot in de eeuwigheid.
Amen.
PROLOOG
Vloek over het ijzer Tekst van Rob van Uden
 
Als ik hoor: die trom,
de woorden die bezweren: 
Ohoi sinda, rauda raiska,
jij, villijn en rauw
en ijzingwekkend ijzer, jij,
 
hoop ik dat jij, schoft, 
jij, schorem, ijzer...
bid ik, hooggeëerd publiek,
dat dit lied het ijzer mag bezweren.
 
Hurjuh sinda, rauda raiska
oerkracht ploertig wezen, ijzer,
jij, geboren uit de sporen 
van een beest, jij, hoerenjong,
 
jij, vervloekt, met malende,
vermaledijde kaken,
ijzingwekkend ijzer,
bloedverspiller
van een zoon, een dochter, jij.
 
==
Luisteraar, jij, luister! luister!
als de dood rijdt over water 
hoe het water brak wordt, dan,
hoe de landerijen zijn verscheurd en opgebroken
hoe het zaad van veelvraat ijzer,  
valt in akkers, voren, bloed
 
Ohoi sinda, rauda raiska,
als het vuur wordt aangeblazen
als de hamer op het ijzer,
slaat en woedt en bloeden doet
 
 
als de haat metaal is, Schepper, 
dán bewaar ons,  
dat de mensheid niet verschroeid wordt,
of verscheurd door klauwen, ruig, 
en kaken, vuig,
door tanks en toorn, wapentuig.
 
gloeiend zijn wij, zijn erbij 
als chroom, titaan, uranium, plutonium,
ijzer, schroot, 
ijskoud de dood serveert.
 
==
Ohoi sinda, rauda raiska,
ijzingwekkend ijzer, jij,
van hetzelfde zaad,
't zelfde nest
 
ijzer, jij en ik,
wij spruiten uit die zelfde aarde,
sterven, keren tot die aarde weer.
 
Als ik naar je luister, ijzer,
Ohoi sinda, rauda raiska,
weet ik, er is plaats voor jou 
én plaats voor mij,
ik, jouw broeder, 
ik, jouw zuster, 
ik wil mens zijn: mens.
 
En jij?
 
 
Raua Needmine
Banvloek over het ijzer Velja Tormis 
 
Klacht tegen het ijzer
Ohoi sinda, rauda raiska, 
rauda raiska, rähka kurja, 
liha sööja, luu pureja,
vere süütuma valaja! 
Kust said kurja, kange’eksi, 
üleliia ülbe’eksi? 
 
Hurjuh sinda, rauda raiska! 
Tean ma sündi su sõgeda, 
arvan algust su õela! 
 
 
Schurkachtig, ellendig ijzer
ellendig, vervloekt ijzer,
dat vlees eet, botten vermaalt, 
onschuldig bloed vergiet.
Waar heb jij je macht vandaan verdorvene, waar je arrogantie?
 
Verdoemd ben jij, ijzer!
Ik weet waar jij vandaan komt, jij kwaadaardige kortzichtige gek.
Het ontstaan van ijzer
Käisid kolme ilmaneitsit, 
taeva tütarta tulista, 
lüpsid maale rindasida, 
soo pääle piimasida. 
 
Üks see lüpsis musta piima, 
sest sai rauda pehme’eda; 
teine valgeta valasi, 
sellest tehtud on teraksed; 
kolmas see veripunasta, 
sellest malmi ilma tulnud. 
 
Ohoi sinda, rauda raiska, 
rauda raiska, rähka kurja! 
Ei sa siis veel suuri olnud, 
ei veel suuri, ei veel uhke, 
kui sind soossa solguteldi, 
vedelassa väntsuteldi. 
 
Drie hemeldochters 
lieten hun melk vloeien over de moerassen.
 
 
De ene zwarte melk, die zacht ijzer wordt.
De tweede witte, de bron van gehard staal.
De derde bloedrode, waaruit het gietijzer ontstond.
 
Schurkachtig, ellendig ijzer
ellendig, vervloekt ijzer,
Liggend in het slijk, ijzer, 
was jij nog niet zo machtig
en zo arrogant.
 
Hurjuh sinda, rauda raiska! 
Tean ma sündi su sõgeda, 
arvan algust su õela! Verdoemd ben jij, ijzer!
Ik weet waar jij, kortzichtige gek, vandaan komt,
wat jouw goddeloze bron is:
Het ijzer komt aan de oppervlakte
Susi jooksis sooda mööda, 
karu kõmberdas rabassa, 
soo tõusis soe jalusta, 
raba karu käpa alta. 
Kasvid raudased orased, 
soe jalgade jälile, 
karu käppade kohale. 
 
Ohoi rauda, laukalapsi, 
rabarooste, pehmepiima! 
Kes su küll vihalle käskis, 
kes pani pahalle tööle?
Wolf en beer doorkruisen het moeras 
en in hun voetsporen komen 
kiemen van ijzer naar boven.
 
 
 
 
 
Oh ijzer, kind van het moeras,
wie wekte toorn in jou 
en zette je aan tot slechte werken?
uu-üü-öö-…………
 
Het kwaad vaart in het ijzer
Surma sõitis sooda mööda, 
taudi talveteeda mööda, 
leidis soost terakse taime, 
raua rooste lauka’alta. 
 
Toen kwamen dood en pest
en vonden op hun reis door het moeras langs winterse wegen de kiemen van het ijzer.
 
Nii kõneles suurisurma, 
taudi tappaja tähendas: 
mäe alla männikussa, 
põllulla küla päralla, 
talu aitade tagana: 
siin saab surma sepipada, 
siia ahju ma asetan, 
siia tõstan lõõtsad laiad, 
Hakkan rauda keetamaie, 
raua roostet lõõtsumaie, 
rauda tampima tigedaks. 
De dood begon te spreken, de pest stak van wal:
Hier, in een pijnbomenbos op de heuvel, 
in een veld het dorp voorbij 
ver achter een boerenschuur, 
kan het smeden van de dood beginnen.
Hier bouw ik de smeedoven,
blaas ik de balg, 
stook ik het ijzer op, 
in een storm van vuur.
Hier hamer ik het ijzer met verderf.
De strijd, van zachtmoedig tot verdorven
Rauda, vaene mees, värises, 
jo värises, jo võbises, 
kuulis kui tule nimeda, 
tule kurja kutsumista. 
 
Ohoi sinda, rauda raiska! 
Ei sa siis veel suuri olnud, 
ei veel suuri, ei veel uhke, 
kui sa ääsilla ägasid, 
vingusid vasara alla. 
 
Taat see ahjulta ärises, 
halliparda vommi päälta: 
aa-oo- ………
 
Rauda rasvana venikse,
ila kombel valgunekse, 
veerdes alla ääsi’ilta, 
voolates valutulesta. 
 
Veel sa rauda pehmekene, 
miska sind karastatakse, 
terakseksi tehtanekse? 
 
Toodi ussilta ilada, 
musta maolta mürgikesta. 
Ei see raud kuri olekski, 
ilma usside ilata, 
mao musta mürkideta
 
aa-oo-….
Taat see ahjulta ärises, 
halliparda vommi päälta: 
 
Het ijzer, och arme, 
beeft en siddert, 
als het verdorven vuur wordt aangeroepen.
 
 
Toen was jij nog niet zo machtig,
noch hooghartig,
toen jij kreunde in de oven, 
zuchtte onder hamerslagen.
 
Boven de hitte kreunde 
de grijsaard:
aa-oo-………
 
Het ijzer vloeit uit als vet,
spat als spuug, 
sijpelt uit de loeiende oven
stroomt uit het gloeiend vuur.
 
Toen nog zacht en vriendelijk ijzer.
Hoe kom jij in het gareel, 
word jij gemaakt tot staal?
 
Voeg het spuug van een slang, 
het gif van een adder toe.
Jij zou het kwaad niet kunnen bergen zonder adderspuug
en zonder gif van zwarte slangen.
 
aa-oo-…..
Boven de hitte 
kreunt de grijsaard:
 
Solisten: gebed om redding
Varja nüüd vägeva Looja, 
kaitse kaunike Jumala, 
et ei kaoks see mees koguni, 
hoopistükkis ema lapsi.
Looja loodusta elusta, 
Jumala alustatusta. 
 
 
Koor: wapengekletter
Uued ajad. Uued jumalad. 
Kahurid, lennukid, 
tankid, kuulipildujad.
Uus raud ja teras, 
uhiuued targad, 
täpsed, vägevad tapjad, 
automaatsete sihtimisseadmetega 
tuumalaengut kandvad, 
tõrjerelvadele kättesaamatud raketid
 
 
 
Noad, odad, 
kirved, taprid, saablid, 
lingud, tomahawkid, bumerangid, 
ammud, nooled, kivid, kaikad, 
küuned, hambad, liiv ja sool, 
tuhk ja tõrv, napalm ja süsi. 
 
Uus ja kõige kaasaegsem tehnika, 
elektroonika viimane sõna, 
valmis liikuma igasse punkti, 
kõrvalekaldumatult sihti tabama, 
peatama, rivist välja lööma, 
hävitama,
võitlusvõimetuks tegema, 
haavama, teadmata kaotama,
 
Geef ons een schuilplaats, 
almachtige Schepper,
Zorg voor veiligheid, grote God
Zodat de mensheid niet verdwijnt
En er juist nog kinderen zijn
Bescherm Gods schepping tegen ondergang, uitroeiing
 
 
Tijden veranderen, moderne goden, kanonnen, vliegtuigen, 
tanks, machinegeweren.
Nieuw ijzer en staal, gloednieuwe
precisiewapens, 
krachtige moordenaars,
automatisch geleide systemen 
met kernkoppen, geen raketverdediging kan ze weerstaan
 
 
 
Messen, speren, 
bijlen, hellebaarden, sabels, 
slingers, tomahawks, boemerangs, 
pijl en boog, stenen en knuppels, klauwen en tanden, zand en zout, 
stof en teer, napalm en kolen.
 
Meest moderne techniek
de nieuwste electronica
klaar om elk doel te raken, 
exact gericht,
om te verlammen, om knock-out te slaan,  uit te wissen, 
onklaar te maken,
te verwonden, verlies te lijden
 
tapma, tapma, raua, terase, 
kroomi, titaani, uraani, plutooniumi 
ja paljude teiste elementidega. 
 
Oi-joi-joi-………….. en te doden, doden met ijzer en staal,
chroom, titanium, uranium, plutonium en veelvoud andere elementen.
 
 
 
Ohoi sinda, rauda kurja, 
mõõka sõja sünnitaja, 
rauda rähka, kulda kilpi, 
sina teras, nurja tõugu! 
Wee jij, zondig verdorven ijzer
blad van het zwaard, moeder van oorlog, gouden schild op modderpoel,
jij ijzer, met verachtelijke oorsprong!
De boodschap
Hurjuh sinda, rauda raiska, 
Oleme ühesta soosta, 
ühest seemnest me siginud, 
sina maasta, mina maasta, 
musta mulda me mõlemad, 
ühe maa pääl me elame, 
ühe maa sees kokku saame, 
maad meil küllalt siis mõlemal.
Wat nou, schroot
Wij zijn van gelijke oorsprong
Uit hetzelfde zaad zijn wij ontsproten
Jouw land is mijn land
Beiden van dezelfde grond
We leven op één en dezelfde aarde
Waarin we ook weer samensmelten
Land genoeg voor allen